Samen delen, samen spelen. Waarom dat niet altijd vanzelf gaat

Samen delen, samen spelen. Waarom dat niet altijd vanzelf gaat

"Dat is van mij!"

"Ik was eerst!"

"Ik wil daar ook mee spelen!"

Het zijn uitspraken die iedere ouder, leerkracht of pedagogisch medewerker wel eens hoort. Hoewel we kinderen al jong leren dat samen delen en samen spelen belangrijk is, blijkt dat in de praktijk nog helemaal niet zo eenvoudig. En dat is eigenlijk heel logisch.

Voor volwassenen lijkt delen vaak vanzelfsprekend. Voor kinderen is dat anders.

Wanneer een kind een favoriete auto, pop of knuffel moet afstaan, voelt dat soms alsof het een stukje controle verliest. Zeker jonge kinderen leven nog sterk in het moment. Ze vinden iets leuk en willen daar op dat moment mee spelen. Dat een ander ook graag aan de beurt wil komen, is een inzicht dat zich stap voor stap ontwikkelt.

Delen is daarom niet alleen een sociale vaardigheid, maar ook een oefening in geduld, vertrouwen en het omgaan met teleurstelling.

Samen spelen betekent veel meer dan naast elkaar spelen
Kinderen leren onderhandelen, luisteren naar elkaar, rekening houden met verschillende ideeën en soms ook een compromis sluiten. Dat zijn vaardigheden die niet vanzelf ontstaan, maar zich ontwikkelen door ervaring.

Tijdens een spel ontstaan daardoor regelmatig kleine conflicten. Wie mag de dokter zijn? Wie begint? Welke regels spreken we af?

Juist in die momenten leren kinderen ontzettend veel.

Wanneer een kind boos wordt omdat het speelgoed moet delen, betekent dat niet dat het niet sociaal is. Het laat vooral zien dat het nog leert omgaan met emoties.

Hetzelfde geldt voor verdriet wanneer een ander niet mee wil spelen of teleurstelling als een spel anders loopt dan verwacht.

Door deze gevoelens te benoemen, help je kinderen begrijpen wat er gebeurt.

"Ik zie dat je baalt omdat jij nog met de trein wilde spelen."

"Volgens mij vind je het moeilijk om te wachten."

"Je bent verdrietig omdat je graag mee wilde doen."

Alleen al het herkennen van een gevoel zorgt vaak voor rust.

Oefenen met delen
Kinderen leren delen niet door alleen te horen dat het moet. Ze leren het door het te ervaren.

Je kunt daarbij kleine situaties creëren waarin kinderen samen keuzes maken of om de beurt iets mogen doen. Geef complimenten wanneer een kind uit zichzelf iets aanbiedt of rekening houdt met een ander.

Niet omdat het perfect ging, maar omdat het een stapje vooruit is.

Samen groeien
Ieder conflict tijdens het spelen is eigenlijk een oefenmoment.

Kinderen ontdekken dat ze soms moeten wachten, dat anderen ook ideeën hebben en dat samenwerken vaak leukere spelletjes oplevert dan alleen spelen.

Misschien lukt dat vandaag nog niet helemaal. Misschien eindigt een spel in ruzie. Maar iedere keer dat kinderen samen spelen, bouwen ze aan belangrijke sociale vaardigheden waar ze hun hele leven profijt van hebben.

En misschien is dat wel de grootste winst van samen delen en samen spelen. Niet dat alles altijd eerlijk verloopt, maar dat kinderen leren hoe ze met elkaar omgaan, naar elkaar luisteren en steeds beter begrijpen wat een ander voelt.

Terug naar artikelen