Zelfvertrouwen bij kinderen

Zelfvertrouwen bij kinderen

Zelfvertrouwen helpt kinderen om met vertrouwen in de wereld te staan. Het geeft ruimte om nieuwe dingen te proberen, fouten te durven maken en eigen keuzes te verkennen. Kinderen met zelfvertrouwen weten wat ze kunnen, wat ze willen leren en dat ze oké zijn zoals ze zijn.

Zelfvertrouwen ontstaat niet vanzelf. Het groeit stap voor stap, door positieve ervaringen, steun uit de omgeving en door ruimte te krijgen om te oefenen. Thuis, op school en in contact met anderen.

Wat helpt bij het ontwikkelen van zelfvertrouwen?
Kinderen bouwen zelfvertrouwen op wanneer ze ervaren dat hun mening ertoe doet, dat ze invloed hebben op hun omgeving en dat ze mogen leren. Dat betekent: ruimte om het zelf te proberen, steun als het lastig wordt, en erkenning voor inzet en niet alleen voor het resultaat.

Wat daarbij helpt:
- Aandacht geven aan wat goed gaat
- Positieve feedback geven op inzet, niet alleen op prestaties
- Situaties bieden waarin kinderen iets zelf mogen doen
- Een veilige sfeer creëren waarin fouten maken normaal is
- Tijd nemen om te luisteren naar wat een kind bezighoudt

De rol van emoties
Zelfvertrouwen hangt samen met hoe goed kinderen hun eigen gevoelens begrijpen en durven uiten. Boos, blij, trots of teleurgesteld. Als kinderen leren woorden te geven aan wat ze voelen, ontstaat er meer grip.

Daarom is het belangrijk dat emoties besproken worden, thuis en op school. Niet alleen als het misgaat, maar juist ook in alledaagse situaties.

Ondersteunen zonder overnemen
Zelfvertrouwen groeit vooral als kinderen zelf mogen ontdekken dat ze iets kunnen. Dat betekent niet dat alles vanzelf hoeft te gaan, maar wel dat ze het gevoel krijgen: dit lukt me of het is niet erg als ik een foutje mag als ik maar mijn best doe. 

Als ouder, leerkracht of begeleider hoef je niet altijd met een oplossing te komen. Aanwezig zijn, meedenken en aanmoedigen is vaak genoeg. 

Terug naar artikelen